31 januari 2019 – Dos cervezas, por favor!

Vandaag is het tijd voor mijn eerste echte uitstapje in de wijde wereld sinds de operatie. Samen met Koenie. Hij pikt mij deze avond op zodat we samen eerst iets lekker kunnen gaan eten en nadien nog een glaasje of twee, drie drinken. Als we vertrekken, is het nog onduidelijk wat of waar we iets gaan eten. Het enige dat we al beslist hebben, is dat we deze keer naar Leuven gaan; net zoals het overige Vlaamse hinterland, een simpeler en gemoedelijker alternatief voor het oncontroleerbare lappendeken dat Brussel is. Wanneer we een tijdje later op zoek zijn naar een parkeerplaats in het centrum van de stad, passeren we aan de Dijle en beslissen dan om maar naar de daar gelegen gekende Mexicaan te gaan vlak tegenover de Kunstacademie, één van de langst bestaande restaurants van Leuven; het bestaat al langer dan 30 jaar, een eeuwigheid naar Leuvense normen. Een hele prestatie in dat openlucht shopping center vol verloren of welgestelde studenten waar dynamisme zich hoofdzakelijk uit in de ongebreidelde ondernemingslust van voortdurend weer andere zelfstandigen op zoek naar easy money met weeral een nieuwe winkel of een nieuw restaurant of café of beide ineen.

We hebben niet gereserveerd, maar omdat het nog maar donderdag is en we tot de eerste klanten van de avond behoren, kunnen we toch aanschuiven. We mogen zelfs een tafeltje voor twee kiezen. Voor het eerst kies ik voor een tafeltje in functie van mijn nieuwe identiteit. Er is nog een tafeltje vrij vlak tegen de zijmuur aan de rechterkant. En als ik met mijn rug naar de keuken ga zitten, en dus met de linkerhelft van mijn gezicht naar de muur toe gericht, kunnen de meeste overige gasten mijn gezicht helemaal niet meer zien. Of misschien heeft het niets te maken met mijn nieuwe identiteit, want dat veronderstelt toch een zekere aanvaarding,  zo’n ‘identiteit’, maar schaam ik me gewoon voor die homp vlees die zich nu bevindt waar vroeger mijn linkeroog zat. Ik check in ieder geval regelmatig met mijn linkerhand of mijn ooglapje nog goed zit want ik heb al gemerkt dat er niet veel voor nodig is opdat de snijwonden terug zichtbaar worden. Hoe dan ook, als ik aan Koen voorstel om die tafel te nemen en ik die stoel aan die kant van de tafel tegen de muur, begrijpt hij direct waarom en is het voor hem al lang in orde.

De keuze van het eten verloopt veel moeizamer dan die van een tafel. Het is de eerste keer sinds lang, heel lang geleden dat we hier komen, en het enigste dat we beiden weten, is dat we een stuk vlees willen. Met Katrijn, zijn vriendin, als niet-flexi vegetariër en ikzelf, met een al even voltijds vegetarische oudste dochter thuis, maken we er een punt van om van deze mannenavonden te profiteren om terug wat eiwitten of proteïnen in vleesvorm op te slaan. Want, akkoord, de nieuwe man is misschien nog niet geboren, maar we moeten er wel voor zorgen dat, in afwachting, de oude man het toch nog even uithoudt. Uiteindelijk valt onze gedeelde keuze op steak met een pikante chili-tomatensaus en guacamole of zoiets. Het klinkt in ieder geval allemaal Mexicaans. Het is trouwens ook één van de weinige schotels zonder kaas in dit restaurant en aangezien Koen om één of andere reden al sinds zijn kindertijd niets van kaas moet hebben, kotsneigingen zelfs krijgt bij de gedachte alleen al ervan te eten, hebben we ook wel niet zo veel keuze.

Na een tijdje haalt Koen zijn tablet boven want het is de eerste keer dat we de tijd hebben om de vakantiefoto’s van Australië te bekijken. Zoals altijd heeft hij weer tal van foto’s gemaakt van gebouwen, architectuur zijn ding zijnde. Hij heeft er ook wel een neus voor. Zo is hij één keer met zijn petekind naar Bulgarije geweest om foto’s te nemen van oude, megalomane communistische bouwwerken en hij kwam terug met mooiere foto’s dan nadien in een artikel in De Morgen verschenen rond hetzelfde thema. Zo goed is hij. Het enigste probleem is dat hij te veel interesses heeft en zich daarom ook niet kan beperken tot het één of het ander, zoals ‘fotograaf worden’. En ook nu weer, zelfs vanuit het pas laat opgebloeide Australië, komt hij weer af met een aantal prachtige foto’s van veelal modernistische gebouwen. Het zijn echter vooral de foto’s van Hong Kong die deze keer blijven hangen. Ze hebben daar enkele dagen verbleven vooraleer door te vliegen naar Australië. ‘Modernistisch’ kan je ze moeilijk noemen, alhoewel dat de gebouwen spiksplinternieuw zijn. Daarvoor zijn ze niet strak en sober genoeg. Meestal komen ze over als opeenstapelingen van woondozen, of de beruchte Aziatische mierenhoop van mensen. Zo is er één foto met het zicht vanuit hun hotelkamer op een binnenplaats met allemaal andere kamers of appartementen rondom, tot vijftig meter hoger. Mij doet het gewoon denken aan de pods van The Matrix, waar de mensen in liggen om langzaam omgezet te worden in energie door en voor de wereldoverheersende robotten. Maar je moet het hen wel nageven dat, als het nodig is, ze bijzonder efficiënt kunnen omgaan met ruimte, die Chinezen. Iets dat wij Vlamingen helemaal niet kunnen beweren met ons rampzalig parcours op het vlak van ruimtelijke ordening.

Na een tijdje valt het Koen op dat ik voortdurend aan mijn ooglapje zit te futselen. Als reactie verklaart hij doodleuk dat hij op het internet een beetje heeft zitten rond kijken, zo op zijn gemak zo en zonder dus iets te zeggen tegen mij, wat de opties voor eenogige mensen zijn en daar gezien heeft dat er eventueel een oplossing voor mensen met luie ogen is, die ik ook zou kunnen gebruiken. Meestal gebruikt men bij kinderen een soort van plakker die over het luie oog aangebracht wordt gedurende een bepaalde tijd. De jongste dochter van Victor heeft zo heel lang rond gelopen, herinner ik me. Maar soms schuiven die mensen ook een oogpad over één van hun brilglazen, als ze een bril dragen natuurlijk, om op die manier dat oog tot rust te brengen. En aangezien ik zo’n grote bril heb, zou ik met zo’n oogpad ook die gapende leegte in mijn gezicht kunnen bedekken, is de eenvoudige conclusie van Koen. Eerst voel ik, zoals altijd wanneer geconfronteerd met verandering, wat weerstand opborrelen. Ik begon net te wennen aan dat piratenooglapje. Maar na enkele minuten, de eerstvolgende keer dat ik weer begin te voelen waar het lapje zich nu weer juist bevindt eigenlijk, begin ik al te beseffen dat het een fantastisch idee is. Zelf ben ik sprakeloos. Dat hij de moeite genomen heeft om even op het internet te gaan checken wat de opties voor mij zijn. En dan met zo’n creatieve en toch eenvoudige oplossing afkomt… Het leven zou toch supersimpel moeten zijn voor creatievelingen zoals Koen? Jammer genoeg is net het omgekeerde vaak waar. Want de bron van die creativiteit is meestal een niet aflatende onrust, een voortdurende druk vanuit de onderbuik, die het hen bijzonder moeilijk maakt om zich over te geven aan onnozel dingen die andere mensen dan weer gewoon vanzelfsprekend vinden, zoals eindeloos lullen over de meest diverse dingen zonder zich ook maar één keer de vraag te stellen of het wel correct is wat ze zeggen.

Als ik thuis kom, ga ik, diezelfde nacht nog, terug naar die Chinese merchants van gisteren op die virtuele wijde wereld van het web en bestel me direct een pakketje briloogpadjes voor luie ogen. Een zakje met 3 varianten, van klein naar groot, telkens 3 exemplaren, dus negen in totaal. Je kan er een hele familie mee voort helpen of, als je heel spaarzaam bent, er een gans mensenleven mee toekomen. En dit voor maar 12,50 Euro. De verzending is gratis natuurlijk. Het zou gewoon schandalig zijn als ze dat apart ook nog eens durfden aan te rekenen.

Onbekend's avatar

Auteur: phoskens

Patrick Hoskens (°28/03/1966), Product Marketing Manager met een onderbroken loopbaan, op zoek naar een brug naar de toekomst en een zo lang mogelijk leven

Plaats een reactie