Om niet op al te veel zeer tenen te trappen is het einde van mijn boek sterk verschillend van dat van mijn blog. Vooral de posts op mijn blog van de afgelopen maanden waarin ik probeerde duidelijk te maken hoe moeilijk het wel niet is om als slachtoffer in dit land, volledig overgelaten aan je lot, jezelf nog staande te houden als mens of gewoon om te blijven geloven in die zogenaamde rechtsstaat waar dat wij in leven, viel in ongenade bij mijn uitgever. Terecht misschien. Want elk oprecht standpunt over wat er allemaal misloopt in dit apenland is uiteindelijk telkens en altijd nog maar een mening en mensen hebben dat niet graag, meningen, als ze een verhaal lezen. Dixit mijn uitgever.
Om eerlijk te zijn denk ik dat hij gelijk heeft. Een film of een TV-serie is uiteindelijk niet hetzelfde als een praatprogramma; een sprookje niet hetzelfde als een grondwet. En het eindresultaat, het boek in zijn finale vorm, mag er zeker wezen. Het is een schoolvoorbeeld uit de tekstboeken geworden van dat sinds de jaren ‘90 zo populaire motto ‘less is more’. En bedankt, lieve uitgever, het heeft inderdaad geen zin om maar te blijven herhalen hoe pervers en onmenselijk het huidige systeem niet is om de boodschap toch maar te kunnen overdragen. Beter gewoon tonen hoe mensonterend het is via een goed opgebouwd maar voor mij jammer genoeg ook waargebeurd verhaal. Al blijft de vraag door wie en hoe dat er dan wél lessen gaan getrokken worden uit ditzelfde verhaal. Waarschijnlijk weer door zo’n ‘expert’ van die Kaste der Geneesheren achter gesloten deuren. Of een politicus die het na letterlijk tientallen jaren van verzuim allemaal eens zal oplossen.
Bon, jullie kunnen niet zeggen dat ik niet mijn best gedaan heb. En niemand kan ondertussen ook nog beweren dat ik niet hard genoeg geroepen heb. Zo is er zelfs al een boek gemaakt van mijn verhaal, verdomme. Hoe hard moet iemand roepen om gehoord te worden in deze hypocriete woestenij van onze met bleekwater witgewassen Belgische gezondheidszorg? Wat mij betreft, op dit moment, hoop ik dat heel die Gasthuisberg ontploft van nijd en ambetantigheid.
Ambetantigheid, nog zo’n woord dat onder het kritische oog van de Nederlandse redacteur van mijn uitgever, ongetwijfeld zou sneuvelen. Want dat moet me toch van het hart. Alhoewel het een prachtig boek is geworden, is het toch een beetje ontvlaamst. Ik heb zelfs moeten vechten om ervoor te zorgen dat het Vlaams bleef; mijn Eerste Minister was ineens een Minister-President geworden, een kinesist een fysiotherapeut en mijn grootvader bleek als boer in het begin van de twintigste eeuw zijn groententuin elk jaar als een moderne biotuinier omgewoeld te hebben in plaats van geschupt. Terwijl het zo’n mooi woord is, ‘ambetantigheid’. Net zo mooi als snutten en konijnenkot (neen, geen konijnenhok, dank u, want konijnen zijn geen kippen).
Maar ik snap het wel. Als je door de tekst een beetje te ontvlaamsen het afzetgebied van je product kunt verviervoudigen, moeten we er geen tekening bij maken natuurlijk. Ondertussen heb ik van enkele van mijn berggezellen gehoord dat het trouwens niet de eerste keer is dat dit gebeurt in ons verscheurd taalgebied. Willem Elsschot zou d’r ook al problemen mee gehad hebben. Zelfs de Grote Claus zou ermee overhoop gelegen hebben met die Nederlandse taalonteigeningen. Dus wie ben ik dan om daarover te klagen? Bovendien is de blog in tegenstelling tot het boek helemaal nog niet gedaan. Die zal pas gedaan zijn als het gedaan is met mij. Dus waarom een einde dat is vergelijken met een einde dat nog niet is?
Om echter toch de blog compleet te houden, of te bestendigen als het belangrijkste dépositoire van al mijn hersenspinsels, ga ik vandaag een ontbrekende post moeten publiceren die ik speciaal voor het nieuwe einde van het boek heb uitgewerkt. Met als vervelend gevolg dat die dus nu plots op de thuispagina van de blog gaat verschijnen als laatste post en zo een beetje verwarring kan creëren aangezien het stukje tekst vroeger in de tijd heeft plaats gevonden dan de voorgaande stukjes. Mijn excuses hiervoor alvast, maar in de tabs, in de tijdlijn van het verhaal zelf, ga ik het chronologisch op de juiste plaats zetten zodat toekomstige lezers van de blog geen verwarring meer zullen ondervinden.
