J’accuse

Il Cristo Velato

J’accuse by Don Quijote de la Flandes (ja, ja, 400 jaar na die van La Mancha en toch nog evenzeer met de moed der wanhoop)

Diegenen die mijn verhaal in alle geuren en kleuren willen lezen, blijf ik verwijzen naar de rest van mijn blog. Maar nu dat ik het einde nader van mijn verhaal – mijn verhaal over Gasthuisberg dan toch, de gevolgen van de wandaden begaan door Gasthuisberg zelf moeten nog hun afschuwelijk beloop kennen – zie ik mij genoodzaakt om kort nog eens de totale rampspoed van Gasthuisberg in kaart te brengen. Ook wel omdat er zelfs mensen in mijn naaste omgeving blijven die na het lezen van mijn blog (met een half oog misschien en geen enkel oor?) niets beters weten te verzinnen dan: “Er worden altijd wel medische fouten begaan. Dat is menselijk, Patrick.” Het is onder andere om die mensen te wijzen op het volledig foutieve van deze stelling op zich – er is juist helemaal niets menselijks aan wat er met mij allemaal gebeurd is in dat arrogante Gasthuisberg – het was een lange aaneenschakeling van zware professionele fouten en grove nalatigheden die mij overkomen zijn, daar hebben ‘menselijke’ fouten niets mee te maken – dat ik met veel tegenzin de taak op mij genomen heb om hier en nu nog eens in het kort op te sommen wat er allemaal gebeurd is en vooral ook niet gebeurd is daar boven op die berg.

Om ineens de juiste toon te zetten is er het ontegensprekelijke feit dat mijn ganse passage in Gasthuisberg één grote catastrofe is geweest, van in het begin tot op het eind. Op geen enkel moment, noch bij de eerste diagnosestelling, noch op het moment van de operatie, noch post-operatief, heb ik enige professionele dienstverlening van dit zo gereputeerd medisch instituut gekregen. Samengevat kan ik de feiten als volgt weergeven (en opnieuw, voor meer details, gelieve jullie te wenden tot de blog zelf):

⁃ Ondanks het feit dat ik door dokter Veys van de ‘oogkliniek’ van Winksele ‘verbonden aan het UZ Leuven’ (ik schat dat in vogelvlucht de beide ‘klinieken’ op nog geen drie kilometer van elkaar liggen) op 16 april 2018 word doorverwezen naar datzelfde UZ Leuven met een expliciete verwijzing naar een risico op kanker, gaat er op geen enkel moment een alarmsignaal af in geen enkel systeem nergens en wordt er op geen enkel moment de juiste aandacht geschonken aan het door dokter Veys gedetecteerde risico op kanker

⁃ Nog erger, als ik dan eindelijk ‘professor’ Ilse Mombaerts te zien krijg op 1 juni 2018, vindt die er niets beters op dan met wat externe drukbewegingen van de hand, puur op basis van wat fingerspitzengefühl dus, volledig autonoom te beslissen dat het wel degelijk om een ontsteking van een traanzakje gaat zonder ook maar enigszins rekening te houden met het risio op kanker zoals aangegeven door dokter Veys. Dit terwijl de jonge assistente ook aanwezig op de consultatie toch wel enige overtuigingskracht kan gebruiken. Jammer genoeg niet van mij. Zelf word ik nog steeds volledig in het ongewisse gelaten over mogelijke alternatieve scenarii en risico’s

⁃ De operatie, die mij wordt voorgesteld als een lichte standaardoperatie, die geen enkele urgentie vereist, wordt vastgelegd op 10 september 2018. Tijdens onze vakantie in Italië ontvangen we een telefoontje waarbij ook dit weer verder uitgesteld wordt naar 26 september 2018

⁃ Op 26 september 2018, de dag van de langverwachte operatie krijgen we op geen enkel moment ‘professor’ Ilse Mombaerts te zien. Noch voor de operatie, noch na de operatie, valt die ook maar ergens te bespeuren. Dit terwijl ik herhaaldelijk achter haar vraag. De ontslagbrief die we na de operatie krijgen heeft het over een perfect geslaagde operatie en de assistente van Mombaerts die hem overhandigt, spreekt van een ‘zwelling die nog wel weg zal gaan’ wanneer aangesproken over het bobbeltje dat zich nog steeds bevindt tussen mijn neus en mijn oog na de operatie

⁃ Ook het volledige post-operatieve verloop was een ramp van begin tot het eind. Want, het bobbeltje tussen mijn neus en oog verdwijnt helemaal niet, integendeel. Gaandeweg explodeert het letterlijk in mijn oog. Nochtans is er maar één afspraak voorzien in de ganse post-operatieve opvolging, namelijk op 21 december 2018, bijna op de kop 3 maanden na de operatie, waar dat enkel akte zal genomen kunnen worden van het perfecte verloop van de perfecte operatie uitgevoerd door een perfecte professor. Voor fouten of anomalieën is er geen plaats in dat perfecte wereldje van zo’n perfecte prof

⁃ Op 10 oktober 2018 bel ik dan toch maar ongerust naar de ophtalmologische diensten van het UZ Leuven om dan één van de meest hallucinante gesprekken ooit met iemand of iets van onze zo geroemde gezondheidszorg te voeren:

– “Mijnheer Hoskens, ik ben terug. Ik heb net even overlegd met de dokter en ze vraagt of die verdikking waarover u spreekt rood ziet.

⁃ “Neen, ik denk het niet, neen. Allez, ik vind toch van niet.

⁃ “En doet het pijn?

⁃ “Neen, helemaal niet. En trouwens nu u dat vraagt, dat vind ik ook bizar aan die wonde sinds die operatie. Die heeft dus op geen enkel moment pijn gedaan. Ik heb dus helemaal niets gevoeld van die operatie. Kan het zijn dat die wondlijm die u gebruikt hebt, pijnstillende eigenschappen heeft?

⁃ “Dat weet ik zo niet, mijnheer Hoskens. Maar u zegt dus dat u op dit moment totaal geen pijn hebt aan die wonde?

⁃ “Ja, totaal niet, ik voel helemaal niets daar.

⁃ “Ok. Belt u dan een keer terug wanneer het pijn doet.”

⁃ “Sorry?”

⁃ “De dokter zegt dat zolang het niet rood ziet of pijn doet er volgens haar niets aan de hand is. Dus laat ons iets weten wanneer het wel pijn begint te doen.

⁃ Het is dan ook pas na het sturen van een hele boze mail dat ik eindelijk binnen geraak bij ‘professor’ Ilse Mombaerts op 20 november 2018. Haar eerste reactie: “Dat heb ik nog nooit gezien.” Haar tweede reactie: “Hier pakt wat antibiotica.”

⁃ Een goede week later, op 30 november 2018, is het terug zo ver want die antibiotica helpt duidelijk langs geen kanten. Ilse Mombaerts laat zich deze keer weer niet zien. Ze heeft echter duidelijke instructies gegeven aan haar assistenten. Ze worden in unisono aan mij doorgespeeld: “Hier pakt ook nog wat vloeibare cortisone, Celestone.” Maar voor de rest niets. Geen enkele onderzoeksdaad wordt er gesteld. Buiten telkens en opnieuw wat duwen met die vingers op mijn ooghoek.

Het zal pas bij dokter Decock zijn, een oogarts van het AZ Maria Middelares te Gent, waar ik letterlijk in pure wanhoop naartoe moet vluchten bij gebrek aan professionele hulpverlening in dat veel te grote Gasthuisberg, die mastodont van het UZ Leuven, tussen 29 november en 17 december 2018, dat er enige ernstige onderzoeksdaden gesteld worden, inclusief een CT-scan die al 8 maanden daarvoor had moeten afgenomen worden én een biopsie van het gezwel. Ongeveer een jaar dus na de datum van de eerste vaststellingen. Maar die slaagt er dus wel in om op iets meer dan twee weken tijd – twee weken!!! – te doen wat ‘professor’ Ilse Mombaerts al acht maanden nalaat te doen – ondanks de vele zorgen en vragen van mij. Dezelfde ‘professor’ Ilse Mombaerts die mij als toetje zelfs na acht maanden wachten nog weet te beschuldigen van over niet genoeg geduld te beschikken want patiënt komt van het Engelse patient maar “de mensen hebben geen geduld meer, hein mijnheer Hoskens.” Kotsen moet ik van die walgelijke arrogantie van die omhoogevallen trut.

Ik daarentegen, de ongeduldige, kan er terecht nog een schep bovenop doen in mijn klacht: rekening houdend met het ziekteverloop na de operatie uitgevoerd door ‘professor’ Ilse Mombaerts wordt de vraag prangend of ze zelfs niet gewoon in het gezwel heeft zitten snijden. De mate waarin het gezwel alvast nadien ‘ontploft’ is in mijn oog, rechtvaardigt in ieder geval deze vrees en deze stelling. Dat ze op deze manier zelf de metastase veroorzaakt en mijn lot bezegeld heeft. Met een big smile op haar zelfvoldaan heksje-gezicht.

Ook zie ik mij genoodzaakt, en dit is geen natrappen, dit zijn gewoon weer de feiten van de dag, hier expliciet te benadrukken dat dokter Christian Decock al deze stappen op twee weken tijd helemaal alleen heeft gezet. Want toen we, Tin en ik samen, ‘professor’ Ilse Mombaerts zijn gaan confronteren met de lamlendige en totaal amateuristische dienstverlening die ze mij tot dan toe geleverd had op 7 december 2018, had de CT-scan al lang plaats gevonden en stond de biopsie ingepland voor de avond van die dag zelf. Na weken en zelfs maanden van inertie op mijn dossier heeft ‘professor’ Ilse Mombaerts nadien geprobeerd achter mijn rug mijn casus te recupereren in de ogen van haar collega-medici. Door te doen alsof zij mee beslist had tot het nemen van een CT-scan of het uitvoeren van de biopsie. Maar niets van dat alles is waar. Ze heeft mij gewoon laten creperen en heeft op al die maanden op geen enkel moment een ernstige onderzoeksdaad gesteld. En toen ze door kreeg dat ik ondertussen al elders in behandeling was, is ze haar onzalig parcours beginnen toedekken naar collega-medici toe. Te redden wat er te redden viel van haar reputatie. Terwijl dat ze het bij mij al helemaal verkorven had. Jammer genoeg voor mij viel er van mijn leven ondertussen al niet zo veel meer te redden na mijn catastrofale passage langs haar ‘diensten.’

Aangezien ik vermoed dat er nu nog altijd mensen bestaan die vinden dat ik niet zo moet overdrijven en ik het nog verder vertik om ook maar één seconde van mijn tijd verder te steken in het overtuigen van deze zielige figuren, laat me verder overgaan tot de orde van de dag: de vier eisen die ik hierbij voorleg aan Gasthuisberg en ‘professor’ Ilse Mombaerts, als ze ooit nog enigszins op mijn, en hopelijk van velen onder jullie, respect willen kunnen rekenen.

1. Ik eis publieke verontschuldigingen van ‘professor’ Ilse Mombaerts én Gasthuisberg. Dus voor alle duidelijkheid: het sturen van een mailtje zal niet volstaan. In naam van ‘professor’ Mombaerts alleen ook al lang niet meer. Het moet aangekondigd worden op alle officiële communicatiekanalen en er mag geen enkele onduidelijkheid bestaan over de inhoud van de boodschap

2. Ik eis een gedetailleerd en uitgewerkt projectplan dat tot doel heeft te vermijden dat wat er met mij gebeurd is zich nog ooit eens kan herhalen. Zodat een patiënt die doorverwezen wordt met een risico op kanker wel de nodige alarmsignalen doet afgaan. Zodat daar op een gepaste manier op gereageerd wordt en dat er controles mogelijk zijn op wat één individu denkt te kunnen beslissen

3. Ik eis dat de katholieken van het UZ Leuven hun christelijk medeleven een keer aanspreken, in de veronderstelling dat ze daar nog over beschikken, en ervoor zorgen dat medische slachtoffers zoals ik erkend worden en niet langer als oude honden of katten aan hun lot overgelaten worden om thuis in een hoekske wat te sterven maar omgeven door de noodzakelijke humane zorgen

4. En, last but not least, aangezien het mijn overtuiging is dat wat er met mij gebeurd is voor een groot stuk te wijten is geweest aan de zieke bedrijfscultuur van Gasthuisberg, met diensthoofden die als halfgoden denken te kunnen beslissen over leven en dood, eis ik een uitgewerkt programmaplan dat tot doel heeft de arrogantie van Gasthuisberg – die ziekelijke cultuur van ‘wij zijn de grootsten en de besten’ – volledig met de grond gelijk te maken en zodoende eindelijk een meer menselijke benadering van ziekenzorg en de patiënten zelf mogelijk te maken

Vooraleer er weer van die betweters zijn die mijn laatste demarche gewoon totaal belachelijk vinden, die vinden dat ikzelf deze keer nogal arrogant ben door te denken dat die van boven op de berg zich ook maar iets aantrekken van al mijn zever: ik acht de kans dat er ook maar op één van deze eisen ingegaan zal worden bijzonder klein. Een goede verstaander zal de knipoog naar Don Quijote de la Mancha in de titel dan ook goed begrepen hebben en geen verdere uitleg nodig gehad hebben. En het zijn geen windmolens die zich daar verheffen in het grensgebied van Winksele, Leuven en Terbank, maar de gigantische torens van Gasthuisberg zijn al even spooky. Ik leg dan ook alle vier de eisen voor aan de machtigen der aarde in dit kleine apenland. Want ze moeten voor mij alle vier ingewilligd worden om nog aanspraak te kunnen maken op enig fatsoen daarboven op die berg. Maar waar dat die vervelende betweters met hun Realpolitik waarschijnlijk gelijk zullen krijgen is dat corporatisme bijna altijd de bovenhand haalt bij dergelijke principiële discussies. Wij als burgers moeten echter blijven geloven in het ongelooflijke. Wat heeft het anders allemaal voor zin? Ik kan me in ieder geval niet voorstellen dat hetzelfde een van mijn kinderen ook nog eens zal overkomen. Dus rot op met die corporatistische reflex die simpelweg stelt dat het leven van één pechvogel-burger niets voorstelt in vergelijking met al die levens van burgers die wél gered worden. Net hierom leg ik ook alle vier de eisen voor. Want wat die dikke, arrogante en zelfvoldane klootzakken boven op die berg inderdaad net niet willen begrijpen, is dat alles begint bij dat ene burgerleven.