Jullie hebben mij gewoon vermoord Gasthuisberg. De dodelijke combinatie van de, in mijn geval letterlijk, oogverblindende incompetentie van één van jullie eigen diensthoofden oogheelkunde, Ilse Mombaerts, en de onwaarschijnlijke arrogantie ingebakken in jullie bedrijfscultuur, die afschuwelijke combine, heeft mij kapot gemaakt. Jullie hebben op geen enkel moment de nodige stappen gezet om het risico op kanker te evalueren en dit ondanks een doorverwijzingsbrief waarin het risico zwart op wit vermeld stond. Nog straffer, jullie hebben zelfs doodgemoedereerd een operatie uitgevoerd op de plaats waar zich een kwaadaardige tumor bevond. En nog straffer, vanaf dan, vanaf dat ene al afschuwelijke moment, hebben jullie mij gewoon laten stikken als een vis op het droge. Enkel nog wat onzin over zwart bloed en wat laffe, achterbakse beledigingen, zoals dat ik niet geduldig genoeg zou geweest zijn, kreeg ik nog naar mijn hoofd geslingerd. Gefeliciteerd voor zoveel vals perfectionisme en dat onverantwoord onprofessionalisme! En voor dit alles hebben jullie zelfs geen sorry gezegd. Zelfs niet één keer. Schriftelijk. Verbaal. Of off-the-record. Geen woord. Geen milimeter. Niets. Daarvoor alleen al verdienen jullie een goei pak slaag, Gasthuisberg. En geen klein beetje.
Voor diegenen die hier vallen over het begrip vermoorden, leden van die lieve, zo vergevingsgezinde goegemeente, voor wie alles OK is zolang ze zelf maar geen betrokken partij zijn: wat is vermoorden anders dan het veroorzaken van een vroegtijdig overlijden? Vrijwillig of onvrijwillig? Dood gaan we toch. Maar, ok, aangezien het zo’n beladen term is en ook wel omdat ik, zelfs bij mensen die mijn blog al een tijdje volgen, merk dat sommige lezers nog steeds niet helemaal door hebben wat voor een hallucinant parcours ik achter de rug heb in dat weerzinwekkende Gasthuisberg, stel ik voor om de feiten nog eens een keer kort op te lijsten. De details kun je chronologisch terugvinden in de blog. Maar omdat in deze tijden van fake news feiten ontzettend belangrijk zijn, volgt hierna dus weer een korte samenvatting. In de hoop dat een beetje reiteratie of een gezonde portie Durcharbeiten à la Freud uiteindelijk de overhand zal krijgen op al die leugens die ons leven zogezegd draaglijk moeten maken. Of al is het maar om ook en opnieuw te bewijzen dat ik hier gene zever zit te verkondigen of wat dan ook in mijn verhaal verzonnen heb. Hetgeen velen onder jullie, ongemakkelijk wordend van datzelfde verhaal, precies stilletjes blijven hopen met die eeuwige “Ja, maar…”-retorieken.
Dus, opdat het ineens en opnieuw kristalhelder is voor iedereen: ik ben vermoord door Ilse Mombaerts van de dienst ophtalmologie van Gasthuisberg. En dit, houd u vast ongelovige lezer of beenharde scepticus, als we de feiten even nader bekijken, wel drie keer en op drie verschillende niveau’s. Ik weet het, een mens kan maar één keer dood gaan, en enggeestige criticasters kunnen weeral beginnen tegenwerpen dat ik niet zo moet overdrijven, maar er zijn drie momenten geweest waarop, zelfs als de andere twee momenten niet zouden plaats gevonden hebben, ik telkens vakkundig vermoord ben geweest door Gasthuisberg.
Drie keer (jawel: DRIE KEER!!!) ben ik vermoord door die machtige medische instelling, die gigant van de Vlaamse ziekenzorg, het Universitair Ziekenhuis van de Katholieke Universiteit van Leuven, waar afgaande op mijn verhaal kwantiteit primeert op kwaliteit, alom gekend als Gasthuisberg. Misschien dat er dan toch ergens een haan stond te kraaien net als bij die Jezus 2000 jaar geleden. Om het overzicht te behouden, zal ik de feiten vermelden per niveau, het moment dus waarop telkens de haan kraaide:
1. Het gebrek aan respect voor de integriteit van mijn persoon en de beroepseer van jullie eigen confraters
De eerste keer was toen een doorverwijzingsbrief opgemaakt door dokter Veys, medewerkster van de ‘Oogkliniek’ van Annelies De Blauwe te Winksele, op folders en affiches alom aangekondigd als ‘verbonden aan het UZ Leuven’, straal genegeerd werd door jullie hoogsteigen ‘Professor’ Ilse Mombaerts. In de brief werd expliciet vermeld dat er een risico op kanker was en werd er gevraagd om aan beeldvorming te doen. Met deze brief werd echter niets gedaan. Totaal niets. Van zelfvoldane arrogantie gesproken. Of anders hebben jullie eigen specialisten, dames en heren van Gasthuisberg, nog nooit de reclamespotjes van ‘Kom op tegen kanker’ op de radio gehoord want de oproep om zo snel als mogelijk hulp te zoeken in geval van een mogelijks ‘probleempje’ wordt door jullie eigen specialisten duidelijk niet opgevolgd. Zelfs niet als het een confrater is die aan jullie vraagt om dit te doen. Misschien toch eens een communicatie rond doen tijdens een van de volgende stafvergaderingen, universitaire kliniek van mijn voeten.
2. De belabberde kwaliteit van de geleverde geneeskundige diensten
De tweede keer was toen, los van de doorverwijzingsbrief, terwijl er zelfs een oogarts van een privé-praktijk in de mot had dat dit mogelijks over kanker ging (tot mijn groot onheil er wel niets van tegen mij vertelde want jullie medici willen ons arme mensen altijd maar sparen en ook onze data privacy altijd maar beschermen, heb ik dat zo goed begrepen, dames en heren ex-studenten geneeskunde? (achteraf kan ik alleen maar vaststellen dat ik vooral bescherming tegen jullie had kunnen gebruiken)), stelde jullie eigen diensthoofd van ophtalmologie, jullie ‘specialist’ die dat dan toch zeker ook moest kunnen, een volledig verkeerde diagnose op basis van een puur amateuristische methode, een beetje duwen met de handen op de ooghoek, magisch fingerspitzengefühl dat blijkbaar in staat moet zijn extern, door de huid heen, het verschil tussen een ontsteking en een kankerknobbel te voelen.
Een volledig verkeerde diagnose die weeral eens drie maanden later gevolgd werd door, hoe kan het ook anders, de volledig verkeerde operatie in een, zoals achteraf dan toch blijkt, voor mij levensgevaarlijke zone in mijn gelaat die dan ook nog eens volledig amateuristisch uitgevoerd werd. Mombaerts was in heinde en verre niet te bekennen, noch voor, noch na de operatie. En ik weet niet meer of ik het al eerder in mijn blog vermeld heb, maar Tin verschoot zich een ongeluk toen ze mij enkele uren na de operatie zag liggen op mijn bed in mijn kamer. Mijn oog stond helemaal kaduuk, zegde ze. Mijn gezicht hing vol met opgedroogd bloed en het kopkussen zelf bleek meer rood dan wit te zijn. Zij verwoordde het zelf nadien zo: “Het was alsof je geopereerd was als een oude man, Patrick. Waarvoor geen moeite meer moet gedaan worden. Voor wie het niet meer van belang is hoe hij er uitziet.” Misschien dat dat het normale doelpubliek is van de dienst ophtalmologie van het UZ Leuven? Ouderen van dagen? Of toch van jullie ‘specialist’ Ilse Mombaerts? Hoeveel slachtoffers heeft die vrouw eigenlijk al gemaakt? Is het daarom soms dat de Kolderkat plots binnen sprong vlak voor de operatie om te checken of ik wel wilde dat de operatie door ging en me snel nog wat documenten onder de neus duwde om te ondertekenen? En is dat ook al standard practice in jullie fantastisch ziekenhuis om zo vlak voor een operatie, ‘s ochtends in de vroegte, nog snel zo wat paperassen onder de neus van de zenuwachtige patiënten te steken? Stel je voor dat er al meerdere gelijkaardige gevallen geweest zijn onder de verantwoordelijkheid van Hartenkoningin… Dat ik gewoon eentje in een lange rij geweest ben. Misschien is ook jullie dikbetaalde management al jaren nalatig geweest? Stel je voor, want door het totale gebrek aan transparantie in jullie duur betaalde ziekenzorg is het allemaal maar gissen voor ons burgers.
Hoe dan ook, zelfs indien er geen doorverwijzingsbrief geweest was, was het aan jullie specialist om de juiste diagnose te stellen en niet aan een jonge oogarts van een privé-praktijk. Nog erger. Verwittigd van het risico op kanker beslist jullie ‘specialist’ ongegeneerd om een operatie uit te voeren in de zone waar zich het mogelijks kwaadaardige gezwel bevindt! Zonder zelfs maar de moeite te nemen om een scan te laten uitvoeren? Gewoon op basis van wat fingerspitzengefühl? Is dit het zo geroemde professionalisme van jullie Gasthuisberg? Dat komt ervan als kwantiteit belangrijker is dan kwaliteit. Of was er soms net een nieuwe directief rondgestuurd die stelde dat het quotum van scans voor het eerste halfjaar al zwaar overschreden was en er iets minder vlot gebruik moest gemaakt worden van de dure scanapparatuur? Is dat hetgeen dat het niveau van jullie professionalisme soms aanstuurt? Een Excel-file met wat kosten en baten in en enkele procenten jammerlijke slachtoffers van ridicule en onnozele beleidsmaatregelen, waarvan ik er nu één ben? Eén tip voor jullie voor in de toekomst: zó veel kost een simpele CT-scan nu ook weer niet hoor en de kosten voor de apparatuur zelf zijn al lang gemaakt; dat is een ‘sunk cost’, zoals men in dat ook door jullie zo verafgood managementtaaltje zegt. Een eenvoudige berekening van al de kosten sinds mijn jammerlijke kennismaking met wat men alleen maar als amateurisme kan bestempelen van jullie dienst ophtalmologie in 2018 zal ook in de toekomst snel duidelijk maken dat de kosten voor de gezondheidszorg nu veel groter zijn dan de kosten die er geweest zouden zijn als er gewoon een CT-scan was genomen mid 2018. De kosten aan mijn kant zullen we maar buiten beschouwing laten. Die kunnen jullie je, als overduidelijk sociaal incapabelen, toch niet voorstellen.
3. De karikaturale opvolging van een heelkundige ingreep uitgevoerd door jullie eigen diensten
De derde keer dat ik vermoord ben door Gasthuisberg was de totale ramp van de post-operationele opvolging. Eén afspraak was voorzien. Drie maanden na de operatie. Meer was er niet nodig. Want in de perfecte wereld op de dienst ophtalmologie van het UZ Leuven verliep altijd alles perfect. Perfecte operaties uitgevoerd door perfecte mensen. Het enigste probleem is: bij mij liep niets perfect.
Het eerste contact met de dienst ophtalmologie na de operatie, een telefonische oproep waarin ondergetekende ongerust meldt dat er precies een probleem is, dat de verdikking niet afneemt, integendeel precies erger wordt. Het antwoord van Gasthuisberg: “Belt ne keer terug wanneer het pijn doet.” Tsjakkaaa, die zit. Dank jullie nog eens voor deze fantastische start van de rest van ons gezamenlijk parcours, dit bijzonder professioneel en van inlevingsvermogen getuigend antwoord.
Tweede post-operationele contact, meer dan een maand later want nog steeds geen pijn alleen meer en meer een knoert van een zwelling (‘gezwel’ werd op dat moment als concept nog altijd niet overwogen, door niemand denk ik, zeker niet door mezelf als totale leek – hel en verdoemenis zijn nu mijn gruwelijk lot), een boze e-mail want dat wordt hier alleen maar erger en erger en via een telefoontje zal het toch niet lukken, daarvoor heb ik al een heuse pijnschaal nodig. Eindelijk krijg ik toegang tot het gebied gelegen achterin de lange, smalle konijnenpijp, het rijk van Ilse Mombaerts. Eerste reactie Hartenkoningin: “Dat heb ik nog nooit gezien.” Eerste reactie assistent: “Ge hebt misschien zwart bloed.” Ik krijg wel antibioticapillen mee naar huis. En daar moet ik het mee doen. Geen enkele poging tot onderzoek. Niets. Nul. Geen afspraak voor een scan. Zelfs geen bloedafname. Niets. Derde contact, 10 dagen later, “hier neem ook nog wat Celestone”, een aftands medicament zo ontdek ik opnieuw achteraf (de spoedcursus farmacie begint zo ongeveer rond dat moment te lopen voor mij), het wordt nog maar amper voorgeschreven, maar wel goei spul zeggen die van jullie, vloeibare cortisone zegt mijn apotheker.
Om dan een laatste contact te hebben gewoon om te zeggen dat de diensten van Hartenkoningin op geen kloten trekken, dat we ondertussen weggevlucht zijn naar het Gentse, dat daar een oogarts zit in een Algemeen Ziekenhuis, een ‘gewoon’ ziekenhuis dus in allemensentaal, die op twee weken tijd doet wat Mombaerts al acht maanden heeft nagelaten te doen: alles eens professioneel onderzoeken. Het is het moment waarop de heks o.a. de etymologische oorsprong van het woord patiënt ter sprake brengt. Ze zegt woordelijk: “Het komt van het Engelse ‘patient’. Maar de mensen hebben tegenwoordig geen geduld niet meer, nietwaar Mijnheer Hoskens?” Al acht maanden ben ik bij die vrouw in behandeling. Al acht maanden wacht ik op een professionele interventie voor een probleem aan mijn oog. Een andere, ‘gewone’ oogarts van een ‘gewoon’ ziekenhuis doet dat allemaal op twee weken. Zij, zelfs na acht maanden, zelfs na herhaaldelijke confrontaties met de staat van mijn oog na de door haarzelf uitgevoerde operatie, doet gewoon niets. Totaal niets. Erger nog: ik krijg het verwijt naar mijn hoofd geslingerd dat ik niet geduldig genoeg ben geweest. Hoe noemt men zoiets? Mateloze arrogantie? Een typisch gevolg van geïnstitutionaliseerde straffeloosheid? De natuurlijke verhouding tussen medici die als halfgoden ongenaakbaar boven op hun berg zitten en gewone stervelingen die braaf moeten zwijgen en luisteren en alles maar ondergaan als een straf van God? Zeggen jullie het maar, dames en heren specialisten van Gasthuisberg. Want ik heb daar letterlijk geen woorden voor.
Trouwens, jullie, management en specialisten van het UZ Leuven, Gasthuisberg zelf dus, jullie moeten niet denken dat jullie in dit alles vrijuit gaan. Jullie moeten niet denken dat jullie alles op één incompetent diensthoofd gaan kunnen steken. Neen, het is voor mij duidelijk dat haar positie en vooral haar manier van werken, met een ‘zwarte kaft met alle geheime dossiers in’, dixit één van haar eigen assistenten, zelf beschaamd én gedegouteerd van de manier van werken in zijn eigen ziekenhuis, door jullie niet alleen getolereerd maar zelfs gebenedijd werd. Jullie kwaliteitscontrole, die kwaliteit van de zorgverlening waar jullie op het publieke podium de mond zo van vol hebben, beperkte zich in mijn geval, op jullie dienst oogheelkunde, tot wachten tot er zich een probleem voordeed. Wel, hartelijk gefeliciteerd, nepmanagement van Gasthuisberg, dat is dan bij deze gebeurd: een burger van dit land, een brave huisvader met twee kinderen, gehuwd ondertussen, niet langer in zonde samenlevend, dus dat is ook al geen excuus meer, gaat vroegtijdig sterven anno 2020-2021 en het is allemaal jullie schuld. Of gaan jullie het allemaal steken op de grootte van jullie onderneming? Op de silo’s die al die diensten in zo’n gigantisch mormel van een hospitaal vormen? Het gebrek aan communicatie tussen die peilers van jullie zorgverlening? Als je dan ook nog eens onfeilbare halfgoden aan het hoofd van de silo’s plaatst, moet je wel niet verwonderd zijn dat die communicatie niet zo vlot verloopt. Zelfs op Olympus verliep die om het eufemistisch uit te drukken niet al te denderend en dat waren dan nog eens echte goden.
Ter recapitulatie, want jullie geheugen is ongetwijfeld bijzonder kort, korter dan deze blog post, anders kun je zo’n schabouwelijk schouwspel niet aan: het gaat hier, in mijn ‘casus’, zoals jullie medici dat zo graag ontsmet en ontdaan van alle emotie noemen, zo’n Latijns woord bekt ook makkelijker in die perfecte en steriele monden van jullie, niet om 1 fout. En al zeker niet over één menselijke fout. Het gaat hier over een aaneenschakeling van zware professionele fouten tot en met grove nalatigheden. Niet ik, maar jullie zouden binnenkort in de grond moeten kruipen van schaamte.



